hoe ik binnen een jaar in het museum hang

Dit is echt niet te geloven. Een droom die uitkomt. Pas een jaar geleden ben ik begonnen met mijn eerste persoonlijke werk over mijn oog en nu komt dit werk al in Museum Arnhem te hangen!

Ik neem je graag mee in mijn weg hiernaartoe.

Mijn oog als uitgangspunt

Praten over mijn oogaandoening vind ik moeilijk. Ergens is er schaamte. Ik wil zo graag normaal zijn. En het is ook zo lastig om uit te leggen wat je ziet en hoe je ziet. Met woorden kom ik niet zo ver. Mijn oogaandoening beïnvloedt mijn dagen en mijn toekomst. Steeds meer merk ik hoe belangrijk het is om er toch open over te zijn.

Daarom besloot ik een textielwerk te maken waarin ik vanuit gevoel kon werken. Niet nadenken over wat mooi is, maar onderzoeken wat ik voel en hoe ik mijn oog ervaar. Het werk gaat over mijn oog: over vervorming, vervaging en mijn interpretatie van drusen: eiwitophopingen die zich in het oog kunnen vormen.

De eerste steekjes

Precies een jaar geleden zette ik de eerste steekjes.

Het begon met het formaat. Groot moest het worden! Intuïtief tekende ik een vorm en begon ik met het opbouwen van de verschillende lagen van het oog, van buiten naar binnen. Daarin verwerkte ik persoonlijke stukjes stof. Onder andere stof van een oude trui en van een broek die ik ooit zelf heb gemaakt.

Urenlang zette ik steekje voor steekje alles vast. En toen liep ik vast. Het werk heeft een paar maanden in de kast gelegen. Blijkbaar was ik er nog niet helemaal klaar voor. Tot er weer ruimte kwam om het op te pakken. Het was tijd om de binnenste laag van het oog te vullen.

Zachte drusen

In deze laag zitten de drusen. Ik wilde ze zacht maken. Daarom ben ik gaan vilten met het haar van mijn doodle Pim. De vilten bolletjes staan voor de drusen die zich langzaam kunnen samenklonteren. Uiteindelijk ontstaat er een grote druse. Deze eiwitophopingen veroorzaken schade en dragen bij aan mijn zichtverlies. Het gebruik van Pim zijn haar maakt dit deel van het werk ook heel persoonlijk.

Duizenden steekjes

De buitenkant van het oog is gevuld met duizenden kleine steekjes. Deze staan voor de woekerende bloedvaatjes in het oog. Een proces dat mij mogelijk ook te wachten staat. De draadjes heb ik bewust niet afgewerkt. Het proces gaat door en is niet te stoppen.

Kijken én voelen

Aan dit werk mag gevoeld worden. Het prikkelt niet alleen de ogen, maar ook de handen. Dat vind ik belangrijk. Omdat goed kunnen zien voor mij niet vanzelfsprekend is, wil ik kunst ook op een andere manier laten ervaren. Met je handen kun je ontdekken wat je ogen misschien missen.

Van een persoonlijk werk naar een collectie

Het maken van dit werk was een proces met ups en downs. Soms zit je helemaal in de flow en ben je urenlang steekje voor steekje aan het werk. Maar het is ook confronterend. De verzadigde kleuren staan voor het langzaam vervagen van kleur. De drusen staan voor het verlies van zicht.

En toch smaakt het naar meer. Dit is het eerste werk uit een collectie over Mijn oog. Ik heb nog zoveel ideeën. Het maken helpt me om met mijn oogaandoening om te gaan en om er steeds iets opener over te zijn. En misschien kan ik er ook anderen mee inspireren: om te kijken naar wat wél kan en om tegenslag om te zetten in iets nieuws.

Van mijn atelier naar Museum Arnhem

En dan nu dit. Mijn eerste persoonlijke werk over mijn oog: Mijn oog – lagen die vervormen en vervagen , waar ik precies een jaar geleden de eerste steekjes voor zette, komt te hangen in Museum Arnhem!

Het werk is geselecteerd voor de tweede editie van MAAK!, met als thema Kleur bekennen. Van 6 november t/m 7 februari is het te zien in de koepel van Museum Arnhem. De tentoonstellingsruimte is gratis te bezoeken.

Ik zou het ontzettend leuk vinden als je komt kijken. En misschien nog wel leuker: kom het werk ook voelen. Laat me vooral weten hoe jij het hebt ervaren. ❤️